|
website for educationalists and psychologists & Site Internet de psychopédagogie
andere
websites:
www.kinderverhaaltje.nl &
www.dayrhythmcards.com
Informatieve website
orthopedagogiek:
www.orthopedagogiek.info &
Informatie
test aanvraag
|
|
| Diverse
instanties geven momenteel "dyslexieverklaringen" uit.
U dient ook onderscheid te maken tussen een woord- en
spellingszwak kind (een pseudo-dyslectisch kind) enerzijds en een dyslectisch
kind anderzijds
DIAGNOSTIEK: advies van het
ministerie van onderwijs en wetenschappen. (Dyslexie, een praktische gids
voor scholen voor voortgezet onderwijs, augustus 2002) Een goede diagnose bestaat uit
3 onderdelen:
De onderkennende diagnose
bevat 5 criteria waaraan moet worden voldaan:
lezen: getoetst wordt op woord en tekstniveau. Is er sprake van achterstand? De mate van achterstand, korte
beschrijving van het leesgedrag m.b.t. tempo en nauwkeurigheid (tempo laag,
groot aantal fouten, radende spellende leesstijl) spelling: Spellingsachterstand, mate van
spellingsachterstand, korte beschrijving van het spellingsgedrag (m.b.t. tempo)
leesbaarheid, soorten fouten en aantal fouten. Er kan sprake zijn van een
zwakke, niet geautomatiseerde woordbeeldidentificatie. Er kunnen problemen zijn
met de automatisering van schriftbeeldvorming. De verklarende diagnose bevat
3 kenmerken waaraan voldaan moet worden.
De uitspraken worden gedaan op basis van gegevens die verkregen zijn met controleerbaar betrouwbare psychodiagnostische instrumenten en procedures. Aangegeven moet worden dat de
stoornis niet het gevolg mag zijn van omgevingsfactoren, zoals een tekort aan
onderwijs of van onderwijs op een te hoog niveau.
De
handelingsgerichte diagnose heeft tot doel aangrijpingspunten voor behandeling
vast te stellen, die leiden tot een oplossing of vermindering van
onderwijsbelemmeringen
Onderscheid
wordt gemaakt in taakrelevante aangrijpingspunten en taakgerichte
aangrijpingspunten.
Taakrelevante
aangrijpingspunten: frustratie van talent, aan en afwezigheid van
compensatiemogelijkheden, het sociaal- emotioneel functioneren en al dan niet
voorkomen van leer-en werkhoudingsproblemen.
Taakgerichte
aangrijpingspunten: keuzes m.b.t. remediëren, compenseren en dispenseren.
Compensatiemogelijkheden:
letten op: cognitieve vaardigheden, sociale vaardigheden, emotionele
stabiliteit, motivatie, algemeen taak-aanpak gedrag, meta-cognitieve
vaardigheden, leesredzaamheidstrategieën.
Taakgerichte
behandelpunten :
Toelichting
waarom dit voor de leerling opgaat Te denken is aan:
Taakrelevante
behandelingspunten:
Toelichting
waarom dit punt voor deze leerling opgaat Te denken is aan:
Als
op alle 3 niveaus onderzoek is gedaan volgt de conclusie: dyslexie. Diagnostiek volgens Dumont Dumont pleit in het boek: Dyslexie theorie, diagnostiek, behandeling voor
een volgend onderzoek bij dyslexie:
·
Achterstand vast stellen in lezen en spellen
·
Intelligentieniveau vaststellen
·
Taalproblemen nader onderzoeken
·
Mogelijke oorzaken vaststellen Belangrijk
hierbij is:
Het
diagnostisch proces kent volgens Dumont twee aspecten n.l. het afnemen van de
anamnese en het toepassen van tests om bij het kind vast te stellen welke de
actuele stand is van functies, capaciteiten, prestaties.
Hieronder
vallen:
Onder
de anamnese verstaat Dumont in kaart brengen van:
De anamnese
komt tot stand in samenwerking met ouders, onderwijzers. Onder het
diagnostisch onderzoek vallen:
Anamnese:
De
taalontwikkeling neemt een speciale plaats in.
·
Verstaanbaar praten
·
Uitspreken van bepaalde woorden
·
Het onthouden van woorden en vinden van woorden
·
Vloeiendheid bij woordvorming en zinsbouw.
·
Het maken en of/ onthouden van rijmpjes, versjes, liedjes.
·
Spraak in het algemeen.
Diagnostisch
onderzoek:
Dumont gaat uit van intelligentieprofielen bij
dyslexie.
In
Dyslexie 1990
gaat
hij nog uit van een verschil van 15 punten tussen verbaal en performaal IQ .
Performaal zou het hoogst gescoord worden, concentratie het laagst en het
verbale zou er tussen in zitten. In Leerstoornissen deel 1 1994 beschrijft hij
onderzoeken van Fletcher en Satz , van der Vlugt. Waarbij weer andere profielen
te voorschijn komen. Indelingen in subgroepen staan ter discussie.
In het
volgend overzicht geeft Dumont weer welke onderdelen voor lezen en spellen het
meest relevant zijn: nadruk op temporele orde waarneming (intra -en intermodaal
leren ) de auditieve voorwaarden (analyse synthese, combinatie, woordherkenning
enz.) en het morfologische aspect. (syntaxis, semantiek, woordenschat)
Letters
lezen, woorden lezen, zinnen lezen, tekst lezen, stillezen. Belangrijk is
dat men de volgende gegevens verzamelt:
1.
op welk procesniveau het lezen zich bevindt; voorbereidend, aanvankelijk,
beginnend, spellend, herkennend, de context benuttend.
2.
Wat de geschatte omvang is van het aantal woorden dat herkennend gelezen wordt.
3.
of het kind impliciet de leesregels kent, expliciet de aangeleerde leesregels
toepast.
4.
of er sprake is van contextbenutting op het niveau van zinnen, verhalen.
5.
of er sprake is van aarzelend, tastend lezen.
6.
wat de fouten zijn die het kind op woordniveau maakt, gezien de foutenanalyse
|
Copyright © 1998 www.orthopedagogiek.com te 's-Hertogenbosch NL
|