Intelligentie testen.
Momenteel worden
WISC III 2002 NL,
RAKIT,
WPPSI III,
WAIS III en de
SON-R gebruikt voor
individueel diagnostisch onderzoek.
De
testen geven een goed en uitgebreid beeld van de
capaciteiten van het kind.
De SON
is een zeer goede intelligentietest, maar is niet aan te
bevelen als het te testen kind de Nederlandse taal goed
beheerst. Het is een non-verbale test en zegt dus niets over
de verbale capaciteiten van het te testen kind.
Opm:
De verbale capaciteiten zijn goede voorspellers van hoe het
kind op de school uiteindelijk zal functioneren.
(Bij
de overgang van de basisschool naar het voortgezet onderwijs
is dan ook het resultaat van begrijpend lezen van belang!)
Voor
zeer jonge kinderen, tussen de 4 en 7 jaar) nemen we de
RAKIT.
1. WISC III
2002 INTELLIGENTIETEST (De wisc RN is verouderd en is
komen te vervallen)
Omdat kinderen
met PDD-NOS de kans lopen om op school wat achter te blijven met
hun prestaties, wordt vaak aangeboden om hen een
intelligentietest af te (laten) nemen. Op zichzelf natuurlijk
geen enkel probleem. Maar deze kinderen laten zich echter lastig
testen omdat ze soms gewoon geen zin hebben of omdat de test te
lang duurt om het hoge niveau van concentratie, dat daarbij
hoort, vast te houden. De uitkomst dient dus altijd met enige
argwaan bekeken te worden.
Om ouders toch een
indruk te geven van zo'n intelligentietest bespreken wij hier de
meest gebruikte, de WISC III 2002 test. Deze test meet het
algemene intelligentieniveau.
Maar wat is nu eigenlijk intelligentie?
Een werkbare definitie
van intelligentie kan zijn: het vermogen om relaties (tussen
personen en/of zaken) te begrijpen, om (na) te denken, om
problemen op te lossen, en om je aan te passen aan nieuwe
situaties.
WISC III 2002 test (Wechsler Intelligence Scale for
Children-Revised for the Netherlands) is een vervolg op de WISC
RN en stamt uit 2002 en wordt gebruikt om de intelligentie te
testen van kinderen tussen de 6 en 16 jaar.
Een IQ van rond de 100 wordt als gemiddeld gezien. De helft van
de Nederlanders hebben een IQ dat ligt tussen de 90 en de 110.
De rest zit daar boven of beneden.
|
Hoogbegaafd
|
meer dan 130
|
|
Begaafd |
121-130 |
|
Bovengemiddeld |
111-120 |
|
Gemiddeld |
90-110 |
|
Beneden gemiddeld |
80-
89 |
|
Laag begaafd-
Moeilijk lerend
|
70-
79 |
|
Lichte verstandelijke beperking
(licht zwakzinnig)
|
50-69 |
|
Matige verstandelijke beperking
(matig zwakzinnig)
|
35-49 |
|
Ernstig verstandelijke
beperking
(Ernstig zwakzinnig)
|
20-34 |
| Diep
zwakzinnig/diepe verstandelijke beperking |
<20 |
Het IQ is
samengesteld uit twee onderdelen: het verbale IQ en het
performale IQ. Het verbale IQ bestaat uit de taalvaardigheden.
Het performale IQ meet de ruimtelijke vaardigheden.
Met een intelligentietest kan niet worden vastgesteld of iemand
PDD-NOS, dyslexie, ADHD, of een andere ontwikkelings-, gedrags-
of leerstoornis heeft. Wel geeft het een indicatie over de
mogelijkheid van het voorkomen van dyslexie, faalangst, etc.
De WISC-RN / WISC III 2002 test is opgebouwd uit 12
verschillende subtests. Deze subtests bestaan uit verschillende
vragen en opdrachten. Het begin van de subtest is steeds
eenvoudig, maar wordt steeds moeilijker naarmate de test
vordert.
De psycholoog, die de test afneemt, legt elke nieuwe subtest met
een voorbeeld uit. Daarna is het kind aan de beurt. Er wordt
gestopt met iedere subtest wanneer de vragen of de opdrachten te
moeilijk worden. Dus: als het kind een aantal vragen achter
elkaar onjuist beantwoord heeft.
De subtests van de
WISC-RN / WISC III 2002.
Subtest 1:
Informatie
Dit onderdeel bestaat uit vragen naar algemene kennis.
Veelal feiten of informatie die het kind in zijn omgeving
heeft opgedaan. Deze subtest zegt iets over de algemene
ontwikkeling van het kind.
Subtest 2:
Onvolledige tekeningen
Dit zijn tekeningen waaraan iets ontbreekt. Het kind moet
zeggen of aanwijzen wat ontbreekt. Deze subtest zegt iets
over de waarneming. Kijkt het kind slechts globaal of ook
naar details.
Subtest 3:
Overeenkomsten
De tester laat een aantal woordparen horen. Het kind moet
telkens de overeenkomst aangeven tussen de twee woorden.
Deze subtest zegt iets over het logisch redeneren.
Subtest 4: Plaatjes
ordenen
Er wordt een serie plaatjes door elkaar geschud. Het kind
moet de plaatjes in de goede volgorde leggen zodat ze een
verhaaltje vormen. Deze subtest zegt iets over het visueel
organiseren en het logisch redeneren.
Subtest 5:
Rekenopgave
Aan de hand van verhaal-sommen moet het kind de antwoorden
uit het hoofd uitrekenen. Deze subtest zegt iets over de
rekenvaardigheid.
Subtest 6:
Blokpatronen
Met blokken moet het kind patronen naleggen. Deze subtest
zegt iets over het ruimtelijk inzicht.
Subtest 7:
Woordenschat
Het kind moet de betekenis van allerlei woorden geven.
Subtest 8: Figuur
leggen
Het kind moet puzzels maken met ongekleurde puzzelstukjes.
Deze subtest zegt iets over de vaardigheid om van delen een
geheel te maken.
Subtest 9: Begrijpen
Over allerlei sociale situaties worden vragen gesteld en het
kind moet deze beantwoorden. Deze subtest zegt iets over het
vermogen om sociale situaties te doorzien en te begrijpen.
Subtest 10:
Substitutie
Het kind krijgt een vel papier met een heleboel cijfers
erop. Bij elk cijfer hoort een bepaald teken (in een
voorbeeld is te zien welk teken dat is). Het kind moet de
tekens zo snel mogelijk achter de cijfers invullen. Deze
subtest zegt iets over het visuele korte-termijn geheugen.
Subtest 11:
Cijferreeksen
Cijferreeksen moeten worden nagezegd. Naarmate de test
vordert worden deze reeksen langer. Eerst moeten ze in
gewone volgorde worden nagezegd, daarna in omgekeerde
volgorde. Deze subtest zegt iets over het auditieve geheugen
van het kind.
Subtest 12:
Doolhoven
Het kind moet met een potlood de weg naar buiten tekenen bij
doolhoven. Deze subtest zegt iets over het vermogen om te
plannen en te organiseren.
De oneven subtesten hebben samen betrekking op de verbale
mogelijkheden.
De andere (even) zijn meer praktische opdrachten en geven
een beeld van de performale mogelijkheden.
Voor iedere subtest wordt een score berekend. Alle scores
samen geven, omgerekend naar de leeftijd, het IQ van het
kind.
De orthopedagoog / psycholoog kan echter meer met de scores
doen. Daarbij gaat hij na hoe het kind heeft gescoord op een
bepaalde factor, zoals 'verbaal begrip' (begrijpen van taal)
of 'perceptuele waarneming' (waarneming).
Intelligentie-profiel
Een andere mogelijkheid is om de scores van de verschillende
subtests met elkaar te vergelijken. Dat geeft een beeld van het
intelligentie-profiel. Soms zijn er namelijk grote verschillen
tussen de scores van de verschillende subtests. Het kind heeft
dan een 'disharmonisch profiel'. Dat betekent dat er (hele) hoge
en (hele) lage scores zijn. De redenen hiervan kunnen zijn:
dyslexie, faalangst, obsessieve compulsieve stoornis
(dwangneurose), etc. Het is aanleiding voor verder onderzoek.
Taakaanpak
De testresultaten geven aan hoe de intelligentie van het kind is
opgebouwd. Ook geven ze informatie over de taakaanpak van het
kind:
· Gaat het direct aan de slag of overdenkt het de taak eerst
rustig;
· Hoe reageert het kind als een taak te lastig voor hem is.
Probeert het er toch uit te komen of zegt het snel dat hij het
niet snapt;
· Gaat het stapje voor stapje aan het werk of probeert het
steeds maar wat en vindt door 'trial-and-error' uiteindelijk
(wel of niet) het juiste antwoord;
· Kan het zich langere tijd concentreren op een taak of wordt
het snel afgeleid;
· Formuleert het goed of spreekt het in halve zinnen;
· Moet het vaak naar woorden zoeken
Samengevat zegt het bovenstaande iets over het proces van
informatie-verwerken en leren.
2.
Overzicht van de andere 2 bekende intelligentietesten: de RAKIT
& de SON.
RAKIT (geReviseerde Amsterdamse
Kinder-IntelligentieTest) en is bestemd voor kinderen tussen de
4.2 en 11.2 jaar. Ook deze test bestaat uit 12 subtests en wordt
zeer goed beoordeeld door de COTAN.
Deze test is aan te bevelen bij zeer
jonge kinderen!
De Rakit intelligentietest (Revisie
Amsterdamse kinder intelligentietest (RAKIT))
De RAKIT is een individuele algemene
intelligentietest voor kinderen van vier jaar en twee maanden
tot elf jaar en twee maanden (Bleichrodt, Resing, Drenth & Zaal,
1987; Bleichrodt, Drenth, Zaal & Resing, 1987). De test is
genormeerd op een steekproef van in totaal 1415 personen. Samen
met de SON-R tests behoort de RAKIT tot de best beoordeelde
intelligentietests (Evers, van Vliet-Mulder & Groot, 2000). Op
alle aspecten is de test indertijd door de COTAN als 'goed'
beoordeeld. Ofschoon de normgegevens nu ongeveer twintig jaar
oud zijn, en in dit opzicht verouderd zijn, is de test nog volop
in gebruik. Voor de indicatiestelling in het kader van de
leerlinggebonden financiering (Resing, Evers, Koomen, Pameijer,
Bleichrodt & van Boxtel) heeft de RAKIT op grond van de sterk
verouderde normen een B-kwalificatie gekregen (voldoende) in
plaats van A (goed). Ten behoeve van de indicatiestelling voor
leerwegondersteunend onderwijs en praktijkonderwijs (RVC-VO)
worden ook deugdelijke instrumenten geselecteerd. Aan deze lijst
is dit jaar de RAKIT toegevoegd. Bron:
http://www.testresearch.nl/werk/rakit.html
Opm: De verouderde normen bij de RAKIT
intelligentietest kunnen opgevangen worden door het
Flynn effect
te interpoleren in de normering. Hiermee kan de RAKIT weer de
waardering als beste test in het Nederlands taalgebied krijgen.
De RAKIT bestaat uit 12 subtests.
De
subtests meten voor de jongste leeftijdsgroep (4-5 jaar):
verbaal leren en -vlotheid, ruimtelijk-perceptueel
redeneren, sequentieel geheugen en kwantiteit. Voor de
oudste groep (5-11 jaar) meten de tests de volgende
factoren: perceptueel redeneren, verbaal leren, ruimtelijk
oriënteren en tempo en verbale vlotheid. De verkorte vorm
bestaat uit 5 resp. 6 subtests. De ruwe subtestscores kunnen
worden omgezet in standaard scores. Voor 2 subtests (Verbale
Analogieën en Exclusie) zijn leer-potentieelprocedures
ontwikkeld. Bij de tweede oplage van de RAKIT worden twee
speciale handleidingen toegevoegd: één voor het speciaal
onderwijs en één voor kinderen met een allochtoon-etnische
achtergrond. Subtestscores kunnen worden omgezet in factor-
en (verkorte vorm) deviatie-IQscores. Normen voor allochtone
kinderen en leerlingen in het speciaal onderwijs zijn
beschikbaar.
Bij de keuze van intelligentietests voor
jonge kinderen is het aantal tests waaruit men kan kiezen
beperkt. Als het in het kader van het diagnostisch onderzoek
noodzakelijk is om een intelligentietest af te nemen dan is het
aan te bevelen om bij de keuze voor een bepaalde test rekening
te houden met een aantal factoren, zoals:
a.
beoordeling door de Commissie Test Aangelegenheden Nederland
(COTAN),
b.
leeftijd van het kind, en
c. de
communicatieve mogelijkheden van het kind.
(Opm: De Rakit wordt
niet meer gebruikt door de RVC wegens de verouderde
normering. (schooljaar 2008-09) Hiervoor is de SON in de
plaats gekomen, waarbij het
Flynn-effect wordt meegenomen!).
Son-R is de Snijders-Oomen
Non-verbale-intelligentietest (Gereviseerd). Deze test is
bestemd voor kinderen van 5.5 tot 17 jaar. Het belangrijkste
verschil met de andere intelligentie-tests is dat de
antwoorden geheel non-verbaal kunnen zijn. Door middel
van (bijv) aanwijzen is deze test zeer geschikt voor
kinderen met ernstige taalproblemen. Er bestaat ook een
kleuterversie van deze test.
De SON
wordt tegenwoordig veel gebruikt voor toelating tot de z.g.
"Plus-klassen" en de "Leonardo-klassen". Naast de bekende
gegevens van de basisschool is de SON een zeer goede
aanvulling.
Bij
het testen van jonge kinderen is de RAKIT te verkiezen boven
de SON-R.
Voor kinderen jonger dan 6 jaar is er ook de WPPSI (Wechsler
Preschool and Primary Intelligence Scale) De WPPSI krijgt
geen goede beoordeling door de COTAN en vanaf 17 jaar kan de
WAIS (Wechsler Adult Intelligence Scale) gebruikt
worden.
Iedere intelligentietest is per definitie onbetrouwbaar
wanneer deze gebruikt wordt voor het testen (of vergelijken)
van personen met verschillende sociale, raciale, culturele
of economische achtergronden.
Minder
gebrukte intelligentietesten
G-test [voorheen
Berenschot-G-test] (G-test) / Amstel, B. van; Hogerheijde,
R.P.; Roggeveen, A.; Linde, J. v.d.. - Amsterdam: Pearson
Testpublisher (www.Pearson Testpublisher.nl), 1996
Code: C01.Amstel. Taal: NL. Doelgroep: volwassenen;
18-65 jaar. Meetpretentie: algemeen intelligentieniveau.
Schalen: - .
Annotatie: bew. van Berenschot-G-test (1973) [C01.Amstel]
CoTAN: 2000 I: 152-3, II: 798-9 (5.8), I: 487 (26.24); 1992
(5.2) en aanv. (5.6)
Berenschot-G-test (G-test) / Roggeveen, A.; Linde, J.F.
v.d.. - Amsterdam: Pearson Testpublisher (www.Pearson
Testpublisher.nl), 1996
Code: C01.Amstel. Taal: NL. Doelgroep: volwassenen;
18-65 jaar. Meetpretentie: algemeen intelligentieniveau en
algemeen analytisch redeneervermogen. Schalen:
verbaal-analytisch vermogen, rekenkundig vermogen,
ruimtelijk inzicht.
Annotatie: latere bew.: G-test (1996) [C01.Amstel]
CoTAN: 2000 I: 152-3, II: 798-9 (5.8), I: 487 (26.24); 1992
(5.2) en aanv. (5.6)
Multiculturele capaciteiten test - middelbaar niveau (MCT-M)
/ Bleichrodt, N.; Berg, R.H. van den. - Amsterdam :
Nederlands Onderzoekscentrum Arbeidsmarkt Allochtonen (NOA),
1994
Code: C01.Bleichrodt. Taal: NL. Doelgroep: volwassenen;
autochtonen en allochtonen; 18-65 jaar. Meetpretentie:
capaciteiten: intelligentie en schoolse vaardigheden.
Schalen: rekenvaardigheid, componenten, woordrelaties,
cijferreeksen, controleren (ordenen, sorteren, efficiëntie),
spiegelbeelden (ruimtelijke oriëntatie, abstractievermogen)
woordanalogieën, exclusie.
Annotatie: zie ook art.: Intelligentiemeting bij kandidaten
met verschillende culturele achtergronden : de
Multiculturele capaciteiten test (MCT-M) / Remko H. van den
Berg, Nico Bleichrodt. - In: Ned. t. voor psych. 55 (2000) 3
(juni): 134-47 (bron: BNSW)
CoTAN: 2000 I: 283 (13.11), I: 488-9, II: 1172-6 (26.26);
1992 en aanv. (26.36)
Handleiding bij de revisie Amsterdamse kinder
intelligentie test. Intelligentie-meting bij kinderen :
empirische en methodologische verantwoording van de
gereviseerde Amsterdamse kinder intelligentie test.
Diagnostiek in het speciaal onderwijs (RAKIT) / Bleichrodt,
Nico; Drenth, Pieter J.D.; Zaal, Jac. N.; Resing, Wilma C.M..
- Amsterdam: Pearson Testpublisher (www.Pearson
Testpublisher.nl), 1987-1988, 1993
Code: C01.Bleichrodt. Taal: NL. Doelgroep: kleuters,
kinderen; 4,02-11,02 jaar. Meetpretentie: algemene
intelligentie, ontwikkelings(achterstanden) en specifieke
cognitieve informatie. Schalen: figuur herkennen; exclusie;
geheugenspan; woordbetekenis; doolhoven;analogieën;
kwantiteit; schijven; namen leren; verborgen figuren;
ideeënproduktie; vertelplaat.
Annotatie: zie ook: Psychodiagnostiek... [13.Kraijer]: 125
CoTAN: 2000 I: 472-3, II: 1129-35 (26.11); 1992 (26.23)
DOS-handleiding : Denver ontwikkeling screeningtest (DOS)
/ Cools, A.T.M.; Hermanns, J.M.A.. - [Amsterdam] : Pearson
Testpublisher, 1976
Code: C01.Cools. Taal: NL. Doelgroep: baby's, kleuters,
peuters, kinderen; 0,01-6,06 jaar. Meetpretentie:
ontwikkelingsstoornissen en/of retardatie in ontwikkeling.
Schalen: sociaal gedrag, adaptatiegedrag, taalgedrag,
motorisch gedrag.
CoTAN: 2000 I: 468-9, II: 1124-5 (26.6); 1992 (26.16)
Groninger intelligentietest voor voortgezet onderwijs (GIVO)
/ Dijk, H. van. - Amsterdam: Pearson Testpublisher (www.Pearson
Testpublisher.nl), 1995
Code: C01.Dijk. Taal: NL. Doelgroep: scholieren
voortgezet onderwijs; 12-16 jaar. Meetpretentie:
intelligentie en bepalen keuze vervolgonderwijs leerlingen
klas 1, 2 en 3 VO. Schalen: synoniemen, verbale analogieën,
categorieën, getallen invullen, tekens invullen, uitslagen,
figuren tekenen.
CoTAN: 2000 I: 282-3, II: 895-9 (13.10); 1992 en aanv.
(13.15)
Test voor niet verbale abstractie (TNVA) / Drenth, P.J.D..
- Amsterdam: Pearson Testpublisher (www.Pearson
Testpublisher.nl), 1965
Code: C01.Drenth. Taal: NL. Doelgroep: jongeren,
volwassenen, eind VHMO en hoger niveau; 16-65 jaar.
Meetpretentie: niet-verbale intelligentie. Schalen: figuren
kiezen.
CoTAN: 2000 I: 502-3 (27.9); 1992 (27.11)
Movement assessment battery for children : handleiding (MOV-ABC)
/ Henderson, Sheila E.; Sugden, David A. ; Smits-Engelman,
Bouwien C.M.. - Lisse : Swets Test Publishers (STP), 1998
Code: C01.Henderson. Taal: NL, E. Doelgroep: kinderen,
gewoon en speciaal onderwijs; 4-12 jaar. Meetpretentie:
niveau algemeen motorisch functioneren. Schalen:
motometrische functies, motoscopische functies,
gedragsobservaties, handvaardigheid, balvaardigheid,
statische evenwicht, dynamisch evenwicht.
Annotatie: oorspr. uitg.: 1992
CoTAN: 2000 I: 542-3, II: 1228-9 (29.7)
Groninger intelligentie test : schriftelijke verkorte
vorm (GIT vv) / Kooreman, A.; Luteijn, F.. - Amsterdam:
Pearson Testpublisher (www.Pearson Testpublisher.nl), 1987
Code: C01.Kooreman. Taal: NL. Doelgroep: volwassenen,
jongeren, lager geschoolden, uitkeringsgerechtigden; 18-65
jaar. Meetpretentie: algemeen intelligentieniveau. Schalen:
cijferen, legkaart, woordmatrijs.
CoTAN: 2000 I: 477-8, II: 1160-1 (26.16); 1992 (26.26)
Groninger intelligentie test (GIT) / Luteijn, F.; Ploeg,
F.A.E. van der. - Amsterdam: Pearson Testpublisher (www.Pearson
Testpublisher.nl), 1983
Code: C01.Luteijn. Taal: NL. Doelgroep: jongeren,
volwassenen; 12-65 jaar. Meetpretentie: intelligentieniveau.
Schalen: woordenlijst, legkaart, vaaropdracht, sorteren,
figuurontdekken, cijferen, draaikaart, woordmatrijs,
woordopnoemen I en II.
Annotatie: zie ook: Neuropsychologische diagnostiek (1996)
[05.Bouma]
CoTAN: 2000 I: 466, II: 1115-7 (26.3); 1992 (26.9)
Bayley ontwikkelingsschalen (BOS 2-30) / Meulen, B.F. van
der; Smrkovsky, M.. - Amsterdam: Pearson Testpublisher (www.Pearson
Testpublisher.nl), 1983
Code: C01.Meulen. Taal: NL, E. Doelgroep: kinderen;
0,02-2,06 jaar. Meetpretentie: mentale en motorische
ontwikkeling. Schalen: mentaal, motorisch,
gedragsobservatie, achtergrondvariabelen.
Annotatie: Ned. bew. van: Bayley scales of infant
development (BSID) / N. Bayley [01.Bayley]. Zie ook: Video
FSW [OV 595.1/596.1]. Psychodiagnostiek... [13.Kraijer]: 116
CoTAN: 2000 I: 471-2, II: 1127-9 (26.10); 1992 (26.22)
MOS 2½-8½ : McCarthy ontwikkelingsschalen : handleiding.
Manual for the McCarthy scales of children's abilities (MOS
2½-8½) / Meulen, B.F. van der; Smrkovsky, M. (Ned. vert. en
bew.) ; McCarthy, Dorothea (oorspr. uitg.). - Amsterdam:
Pearson Testpublisher (www.Pearson Testpublisher.nl), 1972,
1985
Code: C01.Meulen. Taal: NL. Doelgroep: kinderen,
peuters, kleuters; 2,06-8,06 jaar. Meetpretentie:
(vroeg)kinderlijke ontwikkeling. Schalen: verbaal,
perceptueel-performaal, kwantitatief, algemeen cognitief,
geheugen en motoriek.
Annotatie: Ned. experimentele bew. van: McCarthy scales of
children's abilities
CoTAN: 2000 I: 474-5 (26.14); 1992 (26.24)
DENK 2.3 (4) (DENK) / Moenaert, H.. - Oudenburg :
Moenaert, 1992
Code: C01.Moenaert. Taal: NL. Doelgroep: kinderen,
leerbedreigde kinderen; 7-10,06 jaar. Meetpretentie:
intelligentie. Schalen: zinnen begrijpen; tekeningen
aanvullen; begrippen schiften; geometrische figuren
samenstellen; verbaal coderen; plaatjes schiften; zinnen
aanvullen; raamfiguren natekenen; begrippen samenstellen;
niet-verbaal coderen met dubbele sleutel.
CoTAN: 2000 I: 486-7 (26.23); 1992 aanv. (26.33)
Groningse ontwikkelingsschalen : handleiding (GOS 2½-4½)
/ Neutel, R.J.; Meulen, B.F. van der; lutje Spelberg, H.C..
- Lisse : Swets Test Services (STS), 1996
Code: C01.Neutel. Taal: NL. Doelgroep: kinderen;
2,06-4,06 jaar. Meetpretentie: intelligentie, ontwikkeling.
Schalen: subtests: magische schijf, gezichtsherkenning,
handbewegingen, gestaltwaarneming, cijfers nazeggen,
motorische vaardigheid, driehoeken, woordvolgorde,
woordenschat, gezichten en plaatsen, figuren natekenen,
rekenen, raadsels.
Annotatie: gedeeltelijke bew. van: Kaufman assessment
battery for children (K-ABC) / A.S. Kaufman, N.L. Kaufman
(1983) [01.Kaufman]. Psychodiagnostiek... [13.Kraijer]: 118
CoTAN: 2000 I: 487, II: 1170-2 (26.25); 1992 en aanv.
(26.34)
Raven's coloured progressive matrices : Nederlandse
normen en enige andere uitkomsten van onderzoek (CPM) / Bon,
W.H.J. van. - Amsterdam: Pearson Testpublisher (www.Pearson
Testpublisher.nl), 1984
Code: C01.Raven. Taal: - . Doelgroep: n.b.; - jaar.
Meetpretentie: - . Schalen: - .
Annotatie: zie ook: Coloured progressive matrices (CPM)
[C01.Raven]
CoTAN: 2000 I: 465-6, II: 1111-5 (26.2); 1992 (26.6)
Coloured progressive matrices (CPM) / Raven, J.C.. -
Oxford : Oxford Psychologists, 1995
Code: C01.Raven. Taal: E, NL, D. Doelgroep: kinderen;
4,06-11,06 jaar. Meetpretentie: intelligentieniveau en
algemene factor. Schalen: - .
CoTAN: 2000 I: 465-6, II: 1111-5 (26.2); 1992 (26.6)
Progressive matrices (PM) / Raven, J.C.. - Cambridge :
University Printing House, 1960
Code: C01.Raven. Taal: E. Doelgroep: kinderen, jongeren,
volwassenen; 6-65 jaar. Meetpretentie: intelligentieniveau
en g-factor. Schalen: figuratieve principes in systematische
samenhang delen of figuren.
Annotatie: zie ook: Standard progressive matrices (SPM).
Neuropsychologische diagnostiek (1996) [05.Bouma]
CoTAN: 2000 I: 464-5, II: 1110-1 (26.1); 1992 (26.5)
Standard progressive matrices : with adult US norms. -
1996 Ed. Manual for Raven's progressive matrices and
vocabulary scales : general overview. - 1986 Ed. (SPM) /
Raven, J.C.; Court, J.H.; Raven, J.. - Oxford : Oxford
Psychologists ; London : Lewis & Co., 1958, 1986, 1996
Code: C01.Raven. Taal: E. Doelgroep: kinderen, jongeren,
volwassenen; 6-65 jaar. Meetpretentie: intelligentieniveau
en g-factor. Schalen: - .
CoTAN: 2000 I: 464-5, II: 1110-1 (26.1); 1992 (26.5)
NLV : Nederlandse leestest voor volwassenen : handleiding
(NLV) / Schmand, B.; Lindeboom, J.; Harskamp, F. van. -
Amsterdam: Pearson Testpublisher (www.Pearson
Testpublisher.nl), 1992
Code: C01.Schmand. Taal: NL. Doelgroep: volwassenen,
psychiatrische patiënten; 18-65 jaar. Meetpretentie:
premorbide intelligentieniveau. Schalen: woordenlijst.
Annotatie: Ned. bew. van: National adult reading test (NART)
/ H.E. Nelson (1982). Zie ook: Neuropsychologische
diagnostiek (1996) [05.Bouma]
CoTAN: 2000 I: 484-5, II: 1168-9 (26.22); 1992 en aanv.
(26.32)
Leidse diagnostische test : deel 1/handleiding. Deel
2/handleiding stroomdiagram : van klinisch oordeel tot
psychologisch rapport; deel 3/stroomdiagram; deel
4/uitspraken. - 2e dr. Deel 5/cognitieve ontwikkeling,
leervermogen en schoolprestaties (LDT/LDT-E) / Schroots,
J.J.F.; Alphen de Veer, R.J. van (deel 1) ; Schroots, J.J.F.;
Akkerman, A.E.; Groot, A. de (deel 2/3/4) ; Schroots, J.J.F.
(deel 5). - Amsterdam: Pearson Testpublisher (www.Pearson
Testpublisher.nl) ; Leiden : Nederlands Instituut voor
Praeventieve Gezondheidszorg TNO, 1976, 1979, 1986
Code: C01.Schroots. Taal: NL. Doelgroep: kinderen; 4-8
jaar. Meetpretentie: intelligentie en diagnostiek
leermoeilijkheden en ontwikkelingsstoornissen. Schalen:
blokpatronen, vouwblaadjes, natikken, woordenspan, plaatjes
aanwijzen, zinnen nazeggen, verhaaltje vragen, begrip en
inzicht.
Annotatie: deel 2/3/4: 1e dr.: 1978, 2e dr. 1986. Deel 5
(experimentele versie): cop. 1979. Zie ook: Algemene
psychodiagnostiek I / J. de Zeeuw. - 7e dr. Video FSW [OV
599.1]. Psychodiagnostiek... [13.Kraijer]: 124
CoTAN: 2000 I: 277-8, II: 889-91 (13.4), I: 469 (26.7), I:
508 (27.16); 1992 (13.7)
Snijders-Oomen niet-verbale intelligentietest ; SON-R
5½-17 : verantwoording en handleiding (SON-R 5½-17) /
Snijders, J.Th.; Tellegen, P.J.; Laros, J.A.. - Groningen :
Wolters-Noordhoff, 1988
Code: C01.Snijders. Taal: NL. Doelgroep: kinderen,
jongeren, doven, slechthorenden, spraakgestoorde kinderen;
5,06-17 jaar. Meetpretentie: intelligentieniveau. Schalen:
categorieen, analogieen, situaties, stripverhalen,
mozaieken, patronen, zoekplaten.
Annotatie: zie ook: Psychodiagnostiek... [13.Kraijer]: 161
CoTAN: 2000 I: 480-1, II: 1164-6 (26.18); 1992 (26.28)
Handleiding bij de Nederlandstalige bewerking van de
Wechsler adult intelligence scale (W.A.I.S.). Aanvullende
normering van de WAIS voor de leeftijdsgroep van 55 tot 64
jaar (WAIS-NL 1970) / Stinissen, J.; Willems, P.J.;
Coetsier, P.; Hulsman, W.L.L.. - Amsterdam: Pearson
Testpublisher (www.Pearson Testpublisher.nl), 1970, 1976
Code: C01.Stinissen. Taal: NL. Doelgroep: jongeren,
volwassenen; 15-64 jaar. Meetpretentie: algemene
intelligentie. Schalen: algemene ontwikkeling, gezond
verstand, cijfers nazeggen, rekenen, overeenkomsten,
woordenlijst, plaatjes rangschikken, plaatjes aanvullen,
blokpatronen, legkaarten, cijfersymbolen.
Annotatie: zie ook: Psychodiagnostiek... [13.Kraijer]: 148.
Neuropsychologische diagnostiek (1996) [05.Bouma]. Oorspr.
uitg.: D. Wechsler (1955). Latere uitg.: WAIS-III 2000
[C01.Wechsler]
CoTAN: 2000 I: 467-8, II: 1117-23 (26.4); 1992 en aanv.
(26.12)
Snijders-Oomen niet-verbale intelligentietest : SON-R
2½-7 : handleiding en verantwoording (SON-R 2½-7) /
Tellegen, P.J.; Winkel, M.; Wijnberg-Williams, B.J.; Laros,
J.A.. - Lisse : Swets Test Publishers (STP), 1996, 1998
Code: C01.Tellegen. Taal: NL. Doelgroep: kinderen;
2,06-7 jaar. Meetpretentie: verschillende
intelligentiefuncties zonder gebruik taal. Schalen:
mozaïeken, categorieën, puzzels, analogieën, situaties,
patronen.
Annotatie: bew. van Kleuter-SON / J.Th. Snijders, N.
Snijders-Oomen (1975). Zie ook: folder Swets.
Psychodiagnostiek... [13.Kraijer]: 160
CoTAN: 2000 I: 491-2, II: 1178-86 (26.28); 1992 en aanv.
(26.38)
Wechsler intelligence scale for children-revised :
computerscoringsprogramma (WISC-R) / Serlier-van den Bergh,
A.M.H.L.. - Amsterdam: Pearson Testpublisher (www.Pearson
Testpublisher.nl), 1995
Code: C01.Wechsler. Taal: NL. Doelgroep: kinderen,
jongeren; 6-16 jaar. Meetpretentie: intelligentie algemeen.
Schalen: - .
Annotatie: zie ook: WISC-R [C01.Wechsler]
CoTAN: 2000 I: 475-7, II: 1138-60 (26.15); 1992 (26.25)
Wechsler preschool and primary scales of intelligence
(WPPSI-R) / Vander Steene, G.; Bos, A. (Vlaams-Ned.
aanpassing) ; Wechsler, D. (oorspr. auteur). - London :
Psychological Corporation, 1997
Code: C01.Wechsler. Taal: NL. Doelgroep: kinderen;
4-6,06 jaar. Meetpretentie: intelligentie. Schalen:
informatie (visueel), woordenschat, rekenen, overeenkomsten,
dierenhuis, figuur leggen (6x), blokpatronen, staafjes,
figuren kopiëren, onvolledige tekeningen, doolhoven.
Annotatie: Psychodiagnostiek... [13.Kraijer]: 120
CoTAN: 2000 I: 490-1, II: 1177-8 (26.27); 1992 (26.11)
Wechsler preschool and primary scale of intelligence
(WPPSI) / Wechsler, D.. - New York : Psychological
Corporation, 1967
Code: C01.Wechsler. Taal: NL, E. Doelgroep: kinderen;
4-6,06 jaar. Meetpretentie: intelligentie. Schalen:
informatie, woordenschat, rekenen, overeenkomsten,
begrijpen, zinnen, dierenhuis, onvolledige tekeningen,
doolhoven, geometrische tekeningen, blokpatronen.
CoTAN: 2000 I: 490-1, II: 1177-8 (26.27); 1992 (26.11)
Wechsler intelligence scale for children - revised :
Nederlandstalige uitgave : verantwoording (WISC-RN) /
Wechsler, D. ; projectgroep: Haasen, P.P. van; Bruyn, E.E.J.
de; Pijl, Y.L.; Poortinga, Y.H.; lutje Spelberg, H.C.;
Vander Steene, G.; Coetsier, P.; Spoelders-Claes, R.;
Stinissen, J.. - Amsterdam: Pearson Testpublisher
(www.Pearson Testpublisher.nl), 1986
Code: C01.Wechsler. Taal: NL. Doelgroep: kinderen,
jongeren; 6-16 jaar. Meetpretentie: algemeen
intelligentieniveau. Schalen: verbaal: informatie,
overeenkomsten, rekenopgaven, woordenschat, begrijpen,
cijferreeksen. Niet-verbaal: onvolledige tekeningen,
plaatjes ordenen, blokpatronen, figuur leggen, substitutie,
doolhoven.
Annotatie: oorspr. Amerikaanse uitg.: 1974. Zie ook: Video
FSW (afname bij 8-jarig meisje) [396.5 en 1197].
Psychodiagnostiek... [13.Kraijer]: 128, 141
CoTAN: 2000 I: 475-7, II: 1138-60 (26.15); 1992 en aanv.
(26.25)
Wechsler preschool and primary scale of intelligence -
revised : manual : containing British amendments to the
administration... (WPPSI-R UK) / Wechsler, David ; review
panel: Dockrell, Bryan; e.a.. - London : Psychological
Corporation ; Pearson Testpublisher Brace, 1990
Code: C01.Wechsler. Taal: E, NL. Doelgroep: kinderen;
4-6,06 jaar. Meetpretentie: intelligentie. Schalen: zes
verbale subtests: informatie, woordenschat, rekenen,
overeenkomsten, begrijpen en zinnen. Vijf performale
subtests: dierenhuis, onvolledige tekeningen, doolhoven,
geometrische tekeningen en blokpatronen.
CoTAN: 2000 I: 490-1, II: 1177-8 (26.27); 1992 en aanv.
(26.37)
WAIS-III : Nederlandstalige bewerking : Wechsler adult
intelligence test - derde editie : afname en
scoringshandleiding (WAIS-III 2000) / Wechsler, David ; Van
der Steene, G.; Vertommen, H.; Bleichrodt, N. (Vlaams-Ned.
stuurgroep) ; Uiterwijk, J.M. (red.). - Lisse : Swets Test
Publishers (STP), 2000
Code: C01.Wechsler. Taal: NL. Doelgroep: jongeren,
volwassenen; 16-85 jaar. Meetpretentie: algemene
intelligentie, intellectuele capaciteiten, leerstoornissen,
hoogbegaafdheid, neurologische en psychiatrische
stoornissen. Schalen: performale schaal, verbale schaal,
totale schaal; 4 indices: verbaal begrip, perceptuele
organisatie, werkgeheugen, vrijheid van afleidbaarheid en
verwerkingssnelheid.
Annotatie: zie ook: Psychodiagnostiek... [13.Kraijer]: 148.
Neuropsychologische diagnostiek (1996) [05.Bouma]. Oorspr.
uitg.: Manual for the Wechsler adult intelligence scale / D.
Wechsler. - New York : Psychological Corporation, 1955.
Eerdere uitg.: 1970 [C01.Stinissen]
CoTAN: 2000 I: 467-8, II: 1117-23 (26.4); 1992 en aanv.
(26.12)
|